symptoom

wat de kliniek betreft verwijst Lacan niet alleen naar Freuds grote klinische gevalsstudies, maar ook en vooral naar de grote klinische triade (in de neurose) bestaande uit Hemmung=remming, symptoom en angst - elke neurose is een specifieke constellatie van remmingen, symptomen en angsten - die constellatie van Hemmung, symptoom en angst werkt de eerste Lacan op structurele wijze uit in Séminaire X (1962), de laatste Lacan werkt die op topologische wijze uit in Séminaire XXII (1974) - ikzelf leg in mijn lezing van Lacans lezing van Freud vooral de nadruk op de Hemmung (oa via Winnicotts 'do

Het symptoom is een Januskop, zegt Jacques-Alain Miller. Als we de symbolische kant van het symptoom, die gebaseerd is op ficties van het onbewuste, kunnen beschouwen als de open kant ervan, dan is de reële kant, die gebaseerd is op een fixatie van het genot, gesloten te noemen.  Dat vinden we terug in de interpretatie. Er is niet alleen de interpretatie die gestructureerd is als een onbewuste formatie – en die altijd riskeert om het symptoom weer te sluiten.

een gestructureerde samenvattting van Freuds "Hemmung, Symptom und Angst" (1926), met nadruk op de fobie, de dwangneurose, het trauma, etc - maar ook met een inleidende situering vanuit Lacan: remming, symptoom en angst blijven zowel bij de eerste (structurele) Lacan als bij de laatste (topologische=borromeïsche) Lacan de samenvatting van Freuds kliniek 

5 lessons of the Summer School on anxiety (august 2018, University Ghent) - an introduction to a close reading of Lacan's Seminar X on anxiety